In samenwerking met methodiekeigenaren en hoge scholen is, op basis van beschreven competenties voor IPT, in 2002/2003 de post-HBO-basismodule IPT ontwikkeld. In twee pilots, op de locaties Eindhoven (Fontys Hogeschool) en Leeuwarden (Hogeschool Leeuwarden), is de basismodule rondom de jaarwisseling 2003/2004 uitgevoerd.
Deze pilot-opleidingen zijn, conform plan, door Collegio in februari 2004 geëvalueerd op methodische en didactische items, haalbaarheid van het programma, aansluiting van het programma bij verwachtingen en behoeften van de studenten en docenten en bovendien op de kwaliteit van inhoud en organisatie. De evaluatiegegevens zijn beschreven in een evaluatierapport waarin verbetervoorstellen zijn gedaan die een bijdrage hebben geleverd aan de verdere ontwikkeling en beschrijving van de opleiding (linken naar rapport).
Kwaliteitstraject
Het kwaliteitstraject IPT beoogt de professionalisering vorm te geven door middel van het koppelen van de IPT-opleiding aan de behoeften uit de praktijk en kwaliteitsstandaarden voor ambulant werken.
De kwaliteitsgroep (bestaande uit afvaardiging uit de praktijk, hogescholen, Praktikon, NIZW en Collegio) heeft onderwijl getracht om voor het verdere kwaliteitstraject een manier te bedenken waarin het eindassesment van de IPT opleiding gekoppeld wordt aan competenties die nodig zijn in het (ambulante) werkveld. Op dat moment was er te weinig draagvlak voor de ingebrachte ideeën en is dit losgelaten.
De opleiding zal in de looop van de tijd, mogelijk als gevolg van veranderende methodische en/ of didactische inzichten of veranderende vragen uit het werkveld, aangepast worden. Aanpassingen kunnen betrekking hebben op het curriculum, de didactiek en/ of de procedures maar ook op de kwaliteit van het resultaat (wat levert het op voor de uitvoering?). Geregelde feedback hierop is van groot belang om goed te kunnen aansluiten bij de didactische ontwikkelingen in het onderwijs, de vragen van de studenten en de ontwikkelingen in het veld.
Collegio heeft hiertoe een voorstel voor het kwaliteitstraject gedaan op basis van het INK-managementmodel en de Demingcircel.
INK-managementmodel
Kenmerkend voor het INK-managementmodel is de sterke koppeling van de organisatiegebieden aan de resultaten. Er zijn twee soorten resultaatgebieden te noemen: 1) de waardering en tevredenheid en 2) de (eind)resultaten. Waardering en tevredenheid kan bezien worden vanuit verschillende stakeholders of belanghebbenden: waardering door het personeel (docenten en management); waardering door de verschillende klanten (student, jeugdzorgorganisatie/MOgroep?VWS/cliënt) en waardering door de maatschappij (imago van de opleiding). Het andere resultaatgebied, (de eindresultaten) betreft kengetallen en cijfers over daadwerkelijke output. De daadwerkelijke kengetallen van de opleiding zijn: hoeveelheid studenten, hoeveelheid uitval, hoeveelheid positief afgesloten leertrajecten etc.; en de daadwerkelijke output voor het werk zijn: kortere hulpverleningsduur; snellere aansluiting met gezinnen, sneller tot de hulpvraag en doelen kunnen komen met gezinsleden, etc.
De kwaliteitscircel (Deming Circle)
De kwaliteitscircel bestaat uit vier samenstellende delen: 'plan, do, check, act' en verwijzen naar cyclische en dynamische visie op het ontwikkelen van kwaliteitsverbetering. De aanname achter deze visie is dat er altijd en voortdurend aanpassingen en verbeteringen mogelijk zijn om het kwaliteitsniveau te handhaven en te verbeteren, mits benoemd, in tijd gezet en geborgd. Eigenlijk is dat de kern van kwaliteitszorg. Bij de ontwikkeling van de IPT-basismodule is gebruik gemaakt van de kwaliteitscircel (learningloop). De eerste beschrijving van de basismodule in verschillende onderwijsmodules (plan) is uitgevoerd in een pilot (do), geëvalueerd (check) en verbeterd (act).
Afgesproken is dat het evaluatieonderzoek en kwaliteitstoetsing van de post-HBO-basismodule IPT aan de hand van het INK managementmodel en de Demingcircel verder vorm gegeven wordt, waarbij de effecten van de opleiding voor de uitvoering van het werk een belangrijke plaats zal krijgen. Vragen die hierin naar voren zullen komen zijn:
- Worden visie en uitgangspunten van de IPT-opleiding in de praktijk gebruikt?
- Is het handelingsrepertoire van de ambulant hulpverlener vergroot/ verandert?
- Is de ambulante hulpverlening effectiever en efficiënter geworden?
De uitkomsten van het evaluatieonderzoek zullen informatie leveren, die kwaliteitsborging van de opleiding mogelijk mogelijk maakt.
Collegio zal vóór februari 2007 de uitvoering van een evaluatieonderzoek hebben afgerond. In het najaar van 2005 is de kwaliteitsgroep gestart, die ondersteunend is bij de uitvoering van het evaluatieonderzoek en de bevindingen en conclusies die daaruit voorkomen. Collegio gebruikt deze uitkomsten in het advies dat naar de stuurgroep IPT wordt verzonden.